Het Gilde van ZHTC

Sociëteit geschiedenis

Al direct na de oprichting van de vereniging begint men met de zoektocht naar een geschikte sociëteitsruimte. Het zal echter tot 1963 duren voordat de eerste sociëteit een feit is. Dit was de bovenzaal van “De Harmonie” aan de Grote Markt.

Omdat men het toen belangrijk vond dicht bij school te zitten (vanwege het nog geringe aantal kamerbewoners) verhuisde men in 1965 naar de 2e sociëteit aan de v.d. Laenstraat. Al snel bleek dat dit pand als sociëteit niet lang zou voldoen wegens het ontstaan van ruimtegebrek en broodnodig groot onderhoud aan het pand. Men gaat weer op zoek naar een nieuwe ruimte.

Dit resulteert uiteindelijk in een door de gemeente beschikbaar gesteld pand aan de Burgemeester van Rooyensingel, de 3e sociëteit. Echter doordat de gemeente als eigenaar van het pand vrijwel geen onderhoud pleegt en ook het Z.H.T.C. er geen geld wil en kan insteken moet in april 1983 het pand worden ontruimd vanwege de slechte staat.

De directe van de HTS komt dan met het plan om de kelder onder de kantine van de school beschikbaar te stellen aan het Z.H.T.C. om daar een sociëteits ruimte te vestigen. Dit wordt dan de 4e sociëteit Het Z.H.T.C. zal hier blijven tot de verhuizing van de inmiddels Faculteit Techniek hetende HTS naar de Campus van Windesheim in de zomer van 1996.

Sinds deze tijd is het Z.H.T.C. weer op zoek naar een eigen onderkomen en houdt zij tijdelijk haar sociëteitsavonden in Club International de kelder onder Grand Cafe “De Harmonie”.
Na anderhalf jaar zoeken vindt de vereniging eindelijk weer een geschikt pand. Het voormalige “diner-cafe de Hoptuin” wordt gekocht en in gebruik genomen door de vereniging als sociëteit. De 5e en huidige sociëteit.

De eerste sociëteit

Eerste societeit

Eerste societeit

Al direct na de oprichting van de vereniging spant men zich in om een ruimte te verkrijgen, welke als sociëteit dienst kan gaan doen. Al snel vindt men een of meer kelders welke men voor een gulden per jaar kan huren (de plaats hebben wij niet meer na kunnen gaan), maar de kosten verbonden aan het opknappen blijken te hoog voor de vereniging, zodat men van deze plannen moet afzien. Na nog enkele pogingen, welke allen op niets uit lopen (onder meer door te hoge huur) richt men zich tot de gemeente met, het verzoek een geschikt pand ter beschikking te stellen. Ondertussen zoekt men ook zelf nog door.

Tot de opening van de eerste sociëteit in 1963 worden café’s in de binnenstad als stamkroeg door HTS-‘ers gebruikt. Enkele pogingen worden ondernomen om zo’n stamkroeg een avond in de week alleen voor HTS’ers open, te stellen. Door een te geringe opkomst (nog weinig kamerbewoners) loopt dit op niets uit. (O.a. “de Harmonie” en enkele café ’s welke inmiddels verdwenen zijn en een Chinese eethuisje zijn geworden).
’t Wapen van Zwolle was het eerste trefpunt, o.a. gebruikt bij het verbroederingsfeest van de 4 oostelijke HTS-en, op 15 en 16 januari 1960. Omdat een sociëteit nogal lang uitblijft, worden stunts georganiseerd. Zo wordt de Kamper Steur ontvreemd (September 1962). In de nacht van 31 maart op 1 april wordt het plaatsje Zwollerkerspel door HTS’ers bij Zwolle geannexeerd door overplakking van bordjes.

Op 4 oktober 1963 wordt door de toenmalige directeur van de HTS te Zwolle, dhr. ir. J. Muller, de eerste sociëteit geopend. Deze eerste sociëteit was de bovenzaal van “De Harmonie” aan de Grote Markt. Maar al kort na de opening ontstonden de eerste problemen. Het bezoek viel tegen. De oorzaak hiervan was dat de afstand school – sociëteit te groot was, en tevens dat de sociëteit te ver verwijderd was van de weg school naar het station. Daar naast nog het feit dat de huur toch vrij hoog was en een beroepsbarkeeper betaald moest worden. Dit alles maakte het project zo onrendabel dat eind 1964 werd besloten de sociëteit in de bovenzaal van, “De Harmonie” te sluiten.

De tweede sociëteit

Tweede societeit

Tweede societeit

Begin 1965 werd eindelijk een eigen sociëteit betrokken. Een woonhuis in de v.d. Laenstraat, op de weg van school naar het station. Er werd in de woonkamer een bar getimmerd, in de ruimten boven konden als hobby, speel of slaapkamer worden gebruikt. De omwonenden moeten dit niet zo op prijs gesteld hebben, gezien het verhaal dat er toiletpotten van de bovenverdieping op straat werden geworpen en dat er regelmatig over geluidsoverlast werd geklaagd.
Hier ontstond voor het eerst een echt sociëteitsleven. Vele disputen werden opgericht en regelmatig werden spelletjesavonden georganiseerd. Toch was men nog niet tevreden met deze sociëteit. Het grootste bezwaar was het ruimtegebrek. Verder liet de kwaliteit van de woning te wensen over. (Onder meer een eeuwig lekkend dak). Men werkte nog steeds met beroepsbarkeepers (zoals de heer “Felix”). De sociëteit werkte financieel onafhankelijk van het ZHTC.

De derde sociëteit

Derde societeit

Derde societeit

Vanaf begin, 1967 houden mensen zich met een nieuwe sociëteitsruimte bezig. Allereerst komt ter sprake: het “Hopmanshuis”. Dit was vroeger ook al eens ter sprake geweest. De kelder ruimte zou als sociëteit kunnen, gaan dienen. Verder het gebouw “De Librije” (Beide waren overigens toen nog niet gerestaureerd). De afstand tot de school was echter een groot bezwaar. Dan was er nog de “Amerikaanse school”, waarvoor ook dit bezwaar gold, terwijl hiervoor nog grote uitgaven zouden moeten worden een, omdat het volgens zeggen “Nogal een lekke boel was”.

Op 27 maart 1968 stelt iemand voor het pand aan de koestraat 32 te kopen. Voor fl. 40.000,- , waarvoor dan weliswaar 7 kamers aan studenten konden worden verhuurd. Indien men een hypotheek nam zou het ZHTC er gedurende tien jaar nog circa f 200, – bij moeten betalen voor de aflossing. Hetgeen dan op schouders van andere besturen kwam, zodat men van, dit plan afzag.

Er moest weer eens iets gebeuren om bij de gemeente de aandacht te vestigen op dit grote probleem. Daarom werd op de nacht van 11 op 12 oktober een gedeelte van het Kamper carillon ontvreemd.
Op 20 november gaven B. en W. van Zwolle toestemming aan het Z.H.T.C. om het pand aan de Burg. v. Rooyensingel in te richten als sociëteit. Daar werd spoorslag aan begonnen met het opgehaalde geld tijdens een koekenactie in Intro’ 68. Op 21 november 1969 word dan de sociëteit officieel geopend onder grote publieke belangstelling van studentenzijde, door de heer Ir. Timmerman, die van een hoogmerker op het balkon overstapt, en daar een Lint doorknipt.

De oude sociëteit aan de Burgemeester van Rooyensingel, wiens gemoed schiet hier niet van vol. Het het licht werd daar aan het eind van een avond gedoofd met bierglazen, oude banken verlieten het pand via schoorsteen en asla, en we hadden het breedste urinoir van Zwolle; de stadsgracht. De oude sociëteit werd tot april 1983 voor een symbolisch bedrag gehuurd van de gemeente. Gezien de bouwvallige toestand van het pand kon de gemeente de verhuur niet voortzetten en werd er voor het pand een koper gezocht. Helaas was het Z.H.T.C. niet kapitaalkrachtig genoeg om het pand over te nemen en om een uitgebreide renovatie te kunnen bekostigen. Het was dus verhuizen geblazen.

De vierde sociëteit

Het Z.H.T.C. was niet kapitaalkrachtig genoeg om het pand aan de van Rooyensingel over te nemen en om een uitgebreide renovatie te kunnen bekostigen. Er moest dus weer verhuist worden, alleen waarheen? De huur voor een vergelijkbaar pand zou al gauw ver boven de duizend gulden per maand uit komen en het was duidelijk dat de liefdadigheid hij de gemeente op was. Paniek dus!

Uiteindelijk schoot de directie van de (toen nog) HTS het Z.H.T.C. te hulp en bood het gebruik van de kelder onder de kantine aan. Deze ruimte zou echter flink verbouwd moeten worden en om dit te kunnen bekostigen, bood de directie een lening aan waarmee door middel van zelfwerkzaamheid een soosruimte kon worden gecreeerd. Er werden plannen gemaakt, alles leek uitvoerhaar en de vereniging ging een ware uitputtingsslag met zichzelf aan.

Allereerst moest de oude sociëteit worden ontruimd. Dit was binnen een dag bekeken want nagenoeg al het sloopwerk was in de afgelopen jaren al gebeurd. Speciaal voor de foto werden gaskachels tot twee maal toe naar heneden gemikt en de rest van het interieur, ca. vijf stoelen, twee barkrukken en de bar werden overgeplaatst naar school.
Vierde societeit Vierde societeit 4 Vierde societeit 3 Vierde societeit 2

 

 

 

 

 

 

Vervolgens werd begonnen met de bouw zelf. Deze werd gecoordineerd door Jurjen Dijkstra en Henk Hendriks, twee pas afgestudeerde Weg- en Waterbouwers die zich hier vijf maanden aan zouden gaan wijden. In het begin verliep alles redelijk voorspoedig omdat iedereen nog enthousiast was en de eerste klussen eenvoudig waren. Een paar flinke gaten graven voor de ingang en uitgang kon iedereen, maar naarmate de klus langer duurde en er meer vakmanschap benodigd was, kwam er flink de klad in.

Ook miste een ieder de wekelijkse sociëteitsavonden en dit werd amper gecompenseerd door bescheiden feesten die in de (binnen) stad, in café “de Blauwvinger” en hotel “Derhoven”, werden gehouden.Gelukkig werd, circa een maand na de aanvang van de bouw, dhr. Hendriks van het niet onderwijzende personeel volledig vrijgemaakt voor de houw van de nieuwe sociëteit. De opgelopen achterstand werd bijna volledig ingehaald en tijdens IW-83 kon de boel worden ingewijd. Daarna duurde het nog een maand voordat alles echt af was enop 28 september 1983, beleefden we de feestelijke opening. Jurjen en Henk werden benoemd tot erelid en boden een portret van hun smoelwerken ter opluistering van de ingang aan.
De klus was geklaard! Maar niet helemaal zoals al snel bleek. Studenten beginnen namelijk te feesten wanneer anderen erover denken om eens te gaan slapen. Kort na de opening klaagde de buurt dan ook steen en been over overlast die werd veroorzaakt door harde muziek en sociëteitsgangers die hun vertrek buiten goed kenbaar maakten. De sociëteit had toen namelijk alleen de beschikking over de ingang aan de Assendorperdijk. De sociëteit werd voorzien van geluidisolatie en vertrekkende bezoekers werden buiten tot stilte gemaand. Gedurende enige tijd werden de avonden zelfs om 24.00u beeindigd maar ook dit maakte geen eind aan de klachten en het bezoek aan de sociëteit liep tevens aanzienlijk terug. Dit was op zich niet zo vreemd want de muziek werd nog amper hoorbaar afgespeeld en om twaalf uur vertrekken terwijl je om tien voor twaalf binnen kwam, werkte een volgend sociëteitsbezoek ook niet in de hand. De vereniging dreigde zelfs haar vergunning kwijt te raken en het was duidelijk dat er aan deze situatie een einde moest komen. Er zou een nieuwe ingang moeten komen en om deze te bouwen, ging de vereniging weer een “sociëteitsavond-loze” periode in.
Voor deze verbouwing waren er echter geen werkloze Ing’s voorhanden en derhalve viel ondergetekende de eer te beurt om de verbouwing te coördineren. Er moest eerst weer begonnen worden met het graven van een groot gat voor deze ingang. Gezien de aard van de werkzaamheden, werd dit vooral vanuit H204 en belendende lokalen gecoördineerd. Een moeilijkheid vormde echter de ringbalkconstructie zo die onder de kantine ligt. Deze moest verbroken worden om zodoende voldoende doorloophoogte voor de ingang te verkrijgen. Praktisch als we toen waren, werd een dwarsliggende betonnen balk gewoon weggehaald en op het oog werd de bekisting gemaakt voor de nieuw te storten balk. Tijdens deze fase van de verbouwing bleek wel dat de gemiddelde HTS’er toch ontworpen is om met de handen in de zakken aanwijzingen / aanmerkingen te geven terwijl diezelfde handjes toch best wel in die grote kuil hadden mogen wapperen.

Er was echter een redelijke vaste groep van zo’n tien actieve leden voorhanden en met wederom de hulp van Hendriks van het NOP, verliep deze verbouwing toch helemaal volgens planning. Het was in dit geval wel een stuk gemakkelijker om elke medewerker gemotiveerd te houden omdat we nu een complete bar binnen handbereik hadden. Met een biertje in het vooruitzicht werkt het nu eenmaal een stuk prettiger. Er werd tevens van de gelegenheid gebruikt gemaakt om het interieur te verfraaien, en zodoende ontstond de sociëteit zoals de meesten van jullie die nu kennen (red: instroom van voor 1996).
In bijzijn van enkele toch wel tevreden buurtbewoners volgde vervolgens de heropening op 17 april 1985 en tot op heden heeft de vereniging de sociëteit probleemloos kunnen benutten. Voor hoelang blijft echter de vraag. Met enkele oud-bouwers samen hoop ik dat het Z.H.T.C. er in zal slagen om binnenkort een geschikt pand te kunnen betrekken. Onze voorkeur gaat hierbij uit naar een rustiek pand, gelegen aan de stadsgracht en voorzien van een open haard. Ik heb nog wel een oude bank…

Felix Schrijver

De vijfde (voorlopig laatste) sociëteit

Vijde societeit

Vijde societeit

Na de fusie van de HTS met Hogeschool Windesheim in 1990, werd vrij snel duidelijk dat de vroegere HTS zou moeten verhuizen naar een nog te bouwen gebouw op de campus. Dit betekende dus wederom dat het ZHTC op korte termijn haar sociëteit zou gaan verliezen.
Om dit keer een beetje op de situatie voorbereid te zijn werd in 1992 het spaarplan ingevoerd. Een pilsje werd in prijs verhoogd van ƒ1,25 naar ƒ1,50 (jaja dat waren nog ‘ns tijden), en van elk pilsje werd een kwartje naar een speciale rekening gestort, zodat we een beetje redelijke financiële armslag zouden hebben als we ons pand daadwerkelijk zouden moeten verlaten. Ook kon dit plan er voor zorgen er meteen boter bij de vis kon worden gedaan zo gauw zich een gelegenheid voordeed om een nieuw pand te bemachtigen. Na een lange intensieve en soms frustrerende zoektocht bleek dat de uitbater van Grand Café de Hoptuin er de brui aan had gegeven en de brouwerij op zoek was naar een koper. Het pand leek financieel haalbaar dus werd daar meteen ernstig werk van gemaakt.
Op een Algemene Vergadering is besloten dat de voor dit doel opgerichte stichting van Ting (Toekomstige Ingenieurs geniaal bedacht nietwaar?) het pand zou kopen, de vereniging de inventaris, en het pand door de vereninging gehuurd zou worden van de stichting.
Na een verbouwing van enkele maanden was de nieuwe ZHTC-soos in februari 1998, nèt voor de bierweek klaar om in gebruik te worden genomen.

Inmiddels is dit heugelijk feit alweer heel wat jaartjes geleden en begint het ZHTC zich aardig thuis te voelen aan de Thomas á Kempisstraat. Er is weer een bar, met natuurlijk Grolsch op de taps, er is weer een disco, met een inmiddels al aardig ingetrapte dansvloer, en er is zelfs sinds kort weer een luifel boven de bar die menig oud lid de uitroep: “Ik voel me weer helemaal thuis, doe mij eens een biertje!!!” ontlokte.
Laten we hopen dat deze soos een lange en prettige rol mag gaan spelen in de ZHTC historie die nog moet gaan komen.
wordt vervolgd???? vast!!!
Sander Koops

 



Embed This